Vergunningsplicht voor handelsplatformen

Geschreven door Olaf Kok 18 augustus 2017

Op 28 juni publiceerde De Nederlandsche Bank haar standpunt betreffende handelsplatformen. Dit standpunt geldt vanaf het moment dat de nieuwe PSD2 wetgeving van kracht wordt. Kortgezegd geeft zij aan dat er “geen grondslag voor uitzondering” meer is. Met als voornaamste reden dat het platform in het bezit komt van gelden, die niet aan haar toekomen (derdengelden). In onderstaande blog gaan we dieper op deze materie in.

Derdengelden worden in Nederland vaak beheerd via een speciaal daarvoor opgerichte stichting derdengelden. Deze onderneming zonder winstoogmerk staat los van de diensten van de commerciële aanbieder, waardoor bij een faillissement de gelden buiten bereik van de curator blijven.

Vroeger werd deze constructie voornamelijk toegepast bij notarissen of advocatenkantoren. Met de opkomst van Collecterend Payment Service Providers is de Stichting Derdengelden (hierna SDG) door de meeste partijen gebruikte constructie.

Vergunningsplicht voor handelsplatformen

De Wet op het Financieel Toezicht (ook wel WFT) impliceert dat u geen gelden van derden mag beheren als u geen vergunning heeft zoals een bank of andere financiele dienstverleners. Een uitzondering geldt voor speciale ondernemingen zoals notarissen, deurwaarders of advocaten. Bent u wel in het bezit van een vergunning of vrijstelling dan mag u de van derden ontvangen gelden niet vermengen met andere gelden. Verder moet u voldoen aan de (minimale) kapitaalseisen en bent u verplicht uw bedrijfsvoering dusdanig in te richten dat u niet betrokken raakt bij het witwassen van geld of de financiering van terrorisme. Verder moet u alles doen, wat noodzakelijk is om de gevolgen van risico’s te beperken en de betrouwbaarheid in het financiële stelstel te bewaken.

Conclusie: Komt u als tussenpersoon aan het geld van derden, dan moet u in de regel een vergunning hebben. Hieronder geef ik de drie belangrijkste redenen waarom er toezicht is nodig is.
1. Zorgvuldig beheer van derdengelden

Het grootste praktijkrisico bij het beheren van derdengelden is het verliezen van gelden. Dit hoeft niet eens altijd opzettelijk te gaan.

  1. Een technische bug in uw platform, waardoor betalingen op de status ‘PAID’ (betaald) komen te staan, die helemaal niet betaald zijn, maar wel worden doorbetaald.
  2. Het niet ontvangen van de gelden van de bank of financiële intermediair (bijv. Elektronisch geld instelling [EGI], betaaldienstverlener of factoringpartij).
  3. Het opzettelijk gebruiken van derdengelden voor liquiditeit van de eigen onderneming of gelieerde ondernemingen.
  4. Het worden gehackt door derden.
  5. Het maken van fouten door medewerkers, waarbij uitbetalingen of terugbetalingen dubbel worden verwerkt.

Nu kunt u denken, we werken met een grote partij, dus dat zal wel goed zitten. Maar deze visie moet u wellicht toch eens heroverwegen, daarbij in gedachte houden dat het missen van gelden zonder de juiste checks & balances vaak niet snel opvalt en dat fouten zonder de juiste procedures, middelen en controles moeilijk te traceren zijn.

2. Financiering van terrorisme & de naleving van sanctiewetgeving

Indien een partij betalingen ontvangt van derden, dan kan de zogenoemde paper trail worden doorbroken als niet meer herleidbaar is wie bij de transacties is betrokken. Criminelen en/of terroristen kunnen dan via dergelijke tussenpartijen toch gelden naar een bepaalde bestemming krijgen, zonder dat dit direct bij autoriteiten of dienstverleners opvalt. De bank van de consument betaalt naar het handelsplatform, meer weet niet wat de ratio is van de transactie. Dus deze betaling zal gewoon worden doorgevoerd. Indien het handelsplatform deze betaling uiteindelijk doorbetaalt naar een rekening van iemand op de sanctielijst, waarna deze hier een aanslag mee pleegt, zijn de gevolgen niet te overzien.

Nu zult u denken, wat is de kans dat dit gebeurd? Anno 2017 is het goedkoper om een vrachtwagen te huren en in te rijden op publiek dan om gelden bij elkaar verzamelen en een aanslag uit te voeren, zoals op het World Trade Center op 9-11 gebeurde. Toch zijn de gevolgen dermate groot, dat autoriteiten zoals toezichthouders hierop toezien. Het publiek verwacht dat in elk geval alle financiële instellingen er alles aan doen om dit te voorkomen.

Financiering van terrorisme mag nooit een ‘geaccepteerd risico’ worden.

3. Witwassen

Een ander maatschappelijk probleem is witwassen: het in omloop brengen van crimineel verkregen gelden, waarbij deze een legale status heeft verkregen. Dit lijkt via een betaalinstelling niet zo snel te kunnen gebeuren, want (de meesten) accepteren geen contant geld, maar toch is witwassen of het verduisteren van gelden (belastingontduiking) mogelijk. Zo kunnen er bijvoorbeeld goud of edelmetalen worden gekocht, maar denk hierbij tegenwoordig ook aan Cryptocurrencies zoals bitcoins. Om dit tegen te gaan moeten financiële dienstverleners fors investeren in kwalitatief hoogwaardig personeel en middelen (geavanceerde monitoringssystemen) om het financiële stelsel te beschermen

Zonder vertrouwen in het financiële stelsel zal een land zoals Nederland snel achteruitgaan als het gaat om welvaart en economische groei.

Waarom willen handelsplatformen de geldstroom beheren.

De businesscase van handelsplatformen wordt vaak uitgelegd als: ‘Het bij elkaar brengen van vraag en aanbod’. Maar in de laatste jaren is bestrijding van oplichting daar ook bij gekomen. Dit doen de meeste partijen door ‘op de gelden te gaan zitten’. Zo kunnen ze als ‘betrouwbare’ partij (Escrow) op de zaken letten.

We onderscheiden deze geldstromen als volgt:

  1. P2P betalingssystemen
    Als er handel plaatsvindt tussen 2 particulieren (Peer2Peer / C2C) is betrouwbaarbaarheid niet te garanderen. Dit is ook vaak terug te lezen in de algemene voorwaarden van de aanbieders. Geen partij neemt de financiële aansprakelijkheid over als een aanbieder op een handelsplatform niet levert. Uiteraard doen deze partijen hun uiterste best om oplichters buiten de deur te houden, ze te blokkeren of extra checks uit te voeren om het risico op misbruik te verkleinen. In de praktijk blijkt deze businesscase vaak zwak. Gebruikers van deze geldstromen willen nauwelijks betalen voor veiligheid maar klagen snel op het moment dat ze worden opgelicht. Een transactie via iDEAL of overboeking kan niet terug gedraaid worden. Wordt een eindgebruiker opgelicht dat kan hij / zij enkel aangifte doen bij de politie, al blijken deze aangiftes vaak onderop de stapel te komen.
  2. Ticketing / Reserveringen / Marktplaatsen / Crowdfunding
    Deze partijen hebben nog een extra reden om ‘op het geld’ te willen zitten. Op deze manier kunnen ze hun kosten direct afhalen van de gelden van de ondernemer en eventueel gelden verdelen (splitsen) naar relevante derden (bijv. de organisator van een evenement of een producent van gadgets).
  3. Het verdienmodel
    In transactieverwerking is geld te verdienen. De kosten zitten hem vaak niet zozeer in de directe kostprijs, maar wel de extra “controls” zoals toezichts- en compliance kosten (bijv. de accountant, compliance officers). Als deze laatste kosten er niet zijn (bijv. door het ontbreken van een vergunning), dan kan dit een substantieel financieel voordeel opleveren voor partijen die het niet zo nauw nemen met wet- en regelgeving.

Mijn visie over derdengelden?

Wij krijgen veel vragen over crowdfunding, donatieplatformen en zoals in bovenstaand voorbeeld ticketingpartijen. De belangrijkste vraag is dan: "Is deze activiteit nu wel of niet vergunningplichtig?". De tussenpersoon krijgt tenslotte gelden binnen die voor een groot gedeelte doorbetaald moeten worden aan bijvoorbeeld een organisator.

Indien tickets worden aangeboden is leidend of er sprake is van het in bezit krijgen van derdengelden en het bij elkaar brengen van vraag en aanbod. Indien u op de website van een evenement de tickets koopt, dan betaalt u ‘aan de verkoper’. Dit dient dan ook bij de ‘inzake’ vermeld te staan. Als hier een ticketpartij staat, dan is juridisch gezien dit de verkoper van het ticket, dus ook de leverancier hiervan. Gaat een evenement dan niet door, dan is het ook deze partij waarbij u kunt aankloppen voor een restitutie. Vaak zien wij hier als PSP dan dat consumenten met "een kluitje in het riet worden gestuurd" omdat de verkopende partij in haar algemene voorwaarden schrijft enkel verantwoordelijk te zijn voor de levering het ticket. Persoonlijk denk ik dat hier nog wel wat op af te dingen valt.

Mogelijke problemen en oplossingen

De wederverkoper Als u als ondernemer het product in- en verkoopt en dus uw eigen omzet ontvangt. Onderzoek dan goed de risico's of u aansprakelijk bent voor de verkoop van deze producten. Tevens heeft u in de meeste gevallen een enorm verschil tussen de omzet en uw marge. Bij een ticket van 100 euro, heeft u wellicht maar 1 euro omzet. Maakt u gebruik van ons product dan heeft u één contract en hoeft u maar één keer documenten aan te leveren. Een nadeel is dat u ook slechts betalingen kunt ontvangen op de handelsnamen (inzake) die op uw KVK staat.

Wederverkopers die uitbetaald worden door een Payment Service Provider Hierbij worden de gelden niet eerst naar de rekening van het handelsplatform gestuurd, maar direct ontvangen op de rekening van de Stichting Derden Gelden. Vanuit deze SDG wordt het geld uitbetaald op de rekening van de ontvanger. De PSP screent deze uitbetalingen uiteraard, maar mist in de praktijk belangrijke klantinformatie, zoals de uiteindelijk belanghebbenden (UBO) en/of tekenbevoegden. Daarnaast is het geld weliswaar niet op de rekening gestort van het handelsplatform, maar heeft deze wel de beschikking over deze derdengelden. Wij nemen zelfs de stelling in dat het geld juridisch gezien al van het handelsplatform is, totdat het is uitgekeerd naar de organisator (de ondernemer).

Split Payments Dit zou dé oplossing zijn. In deze constructie kan er bijvoorbeeld van de 20 euro er 1 naar een andere faciliterende onderneming doorgezet worden. Deze werkwijze heeft echter ook veel nadelen. Hoe ga je om met terugbetalingen, storneringen of chargebacks én hoe wordt deze omzet geboekt? Er is tenslotte geen correcte factuur vanuit beide ondernemingen. Daarnaast is de “inzake” dan niet volledig juist. De consument betaalt 99 euro aan A en 1 euro aan partij B. Dit lijkt op korte termijn voor kleinere ondernemingen een oplossing, maar administratief zult u wel het een en ander ingeregeld moeten hebben om vragen van uw accountant of de belastingdienst te kunnen beantwoorden. Niet onmogelijk dus, maar voor bedrijven met een serieuze businesscase wel een lastige.

Alliance waarbij iedere afzonderlijke ondernemer een Pay.nl account krijgt, welke door ons volledig wordt gecontroleerd volgens de wetgeving. Het handelsplatform kan een betaling starten, welke in het account van de Submerchant wordt geplaatst. Transactiekosten worden doorbelast op totaalvolume van het handelsplatform. Periodiek kan het handelsplatform een factuur maken voor alle kosten die de ondernemer aan het platform moet betalen. Dit wordt vervolgens verrekend. Technisch iets meer werk, maar de omzet van het platform is helder en via een factuur verrekend. Indien er een terugbetaling is, gaat deze volledig van het saldo van de ondernemer af, waardoor de eindgebruiker het volledige bedrag terugkrijgt en de aanbieder van het handelsplatform zelf kan bepalen of hij zijn kosten ook terugstort.

Nadelen van bovenstaande twee werkwijzen is wel dat een ondernemer de volledige klantacceptatieprocedure moet doorlopen. Nu valt dit in de praktijk wel mee, want de meeste informatie wordt automatisch verzameld, maar een handelsplatform zonder vergunning zal minder controles uitvoeren. Simpelweg omdat hij deze niet kent, ze te duur of te arbeidsintensief vindt.

Hoe nu verder voor een handelsplatform?

Vrijstelling aanvragen
Dit kan momenteel tot gemiddeld drie miljoen euro aan transactievolume per maand en als u enkel actief bent in Nederland. Dit is voor vele handelsplatformen een aanzienlijk volume aan derdengelden. Vrijgesteld betekent echter niet vrijblijvend. Vrijgestelde dienen zich o.a. te houden aan de Wft en Wwft. Voordeel is dat aan vrijgestelde geen toezichtkosten in rekening worden gebracht. Echter zonder vergunning zullen aanbieders van bepaalde betaalmiddelen geen zaken met u willen doen.1

Vergunning aanvragen
Een vergunning als betaalinstelling aanvragen is natuurlijk altijd een mogelijkheid. De vraag is wel of de toezichthouders in staat zijn om deze tijdig (voor 1 januari 2018) te verstrekken. Daarnaast dient de interne organisatie ook klaar te zijn voor het optreden in de financiële sector als vergunninghoudende betaalinstelling. De jaarlijkse toezichtkosten starten vanaf 2.000 euro, maar dan heeft u nog te maken met een veelvoud aan additionele kosten om te kunnen voldoen aan de vergunningseisen.2

Samenwerking met een gelicenseerd partner
De partijen in de markt hebben hiervoor verschillende oplossingen ontwikkeld. Via Pay.nl kunt u een alliance-constructie aangaan waarbij u het beheer krijgt over uw submerchants zoals hierboven reeds toegelicht.

1 https://www.toezicht.dnb.nl/2/50-235565.jsp
2 https://www.toezicht.dnb.nl/2/50-227436.jsp

Resume

Wanneer u als hoofdactiviteit geen ‘betaaldienstverlener’ bent, betekent het soms dat u niet in aanmerking komt voor een vergunning. Indien u niet in aanmerking komt van een vergunning, betekent dit echter niet dat u dan zonder vergunning in het bezit mag komen van derdengelden. Met enkel een vergunningsaanvraag bent u er niet. De kosten om te kunnen voldoen aan de wettelijke eisen gelieerd aan deze vergunning zijn minimaal een factor twintig hoger dan de aanvraagkosten.

Het risico van het beheer van derdengelden moet niet worden onderschat. Risico’s lijken onwaarschijnlijk maar de gevolgen kunnen catastrofaal zijn. Er zijn oplossingen die eenvoudig lijken en u een snelle start kunnen geven, maar die bij grote klanten veel vragen en additionele risico’s kunnen opleveren. Er zitten risico’s aan het wederverkopen van producten en diensten, waarvan u niet zeker weet of het daadwerkelijke aanbod wel geleverd gaat worden.

Meer informatie?

Heeft u een handelsplatform en wilt u de mogelijkheden bespreken? Maak dan een afspraak met een van onze specialisten. In overleg met onze Sales, Compliance & Riskmedewerkers kunt u een gedegen afweging maken om zo na de wetsaanpassing uw dienstverlening zo efficiënt mogelijk voort te kunnen zetten. Wilt u meer weten over een Alliance Partnership? Bekijk de business case op pay.nl/alliance-pakket

Olaf Kok

Als General Manager is Olaf eindverantwoordelijk voor de vele online betalingen die via ons bedrijf worden verwerkt
Deel dit artikel